Voorzitters Scheidrsrechterscommissie
Voorzitters OVV
Kampioenen
Internationale Scheidsrechters
Wijzigingen Spelreglementen
Volleyproms Laureaten
 
 

WIJZIGINGEN AAN DE SPELREGLEMENTEN

Om onderstaande wijzigingen beter te begrijpen, moet men weten dat William Morgan het volleybalspel, aanvankelijk "mintonette" genoemd, heeft ontwikkeld in 1895. Het was eerst zijn bedoeling een ontspannings- en relaxatievorm aan te bieden aan zakenmensen aan het Holyoke Massachusetts. Y.M.C.A.

Het tennisnet en de basketbal brachten Morgan op een idee: hij liet een net tussen 2 groepen spelers spannen en de spelers moesten nu de basketbal heen en weer over het net slaan. Al spoedig bleek echter dat de basketbal te zwaar was; de spelers kregen handblessures en werd daarom spoedig vervangen door de rubber binnenblaas van de basketbal.

De eerste spelregels die een heel ander wedstrijdbeeld van het volleybal laten zien dan wat wij tegenwoordig kennen, werden met de hand geschreven door W. Morgan en bevatten de volgende basisregels:

  1. Het net hing 6 feet, 6 inches hoog (ongeveer 1.98 m).
  2. Het speelveld was 50 x 25 feet groot (ongeveer 15.24 m lang en 7.62 m breed).
  3. Het aantal deelnemers was onbeperkt, maar wel gelijk voor iedere ploeg.
  4. Het spel duurde 9 innings (een inning bestond uit de periode waarin alle spelers een opslagbeurt hadden gehad).
  5. Iedere ploeg had recht op 3 time-outs per inning.
  6. Het dribbelen met de bal in de lucht was toegelaten tot aan een lijn die zich op 4 feet (ongeveer 1.20 m) van het net bevond.
  7. Er bestond geen limiet op het aantal balaanrakingen per ploeg.
  8. Een opslag mocht aangeraakt worden alvorens hij het net overschreed.
  9. Een 2e opslag (zoals in tennis) was toegelaten, indien de eerste opslag fout was.
  10. Elke bal die het net aanraakte (uitgezonderd le opslag) was een fout en resulteerde in een opslagwisseI.

Vervolgens geven wij een overzicht van de wijzigingen van de spelregels per jaar:

Deel 1 : 1900-1934
Deel 2 : 1935-1970
Deel 3 : 1970-2009

 

Deel 1 : 1900-1935

1900
  • De nethoogte werd verhoogd tot 7 feet, 6 inches (ongeveer 2.25 m).
  • De lijn die de dribbel met de bal limiteerde werd geëlimineerd.
  • De duur van het spel werd gewijzigd naar 21 punten.
1912
  • Het speelveld werd 60 x 35 feet groot (ongeveer 18 m x 10.5 m).
  • Een officiële bal werd geïntroduceerd: de omtrek was 26 inches (ongeveer 66 cm) en het gewicht was tussen 7 en 9 ounces (ongeveer 255 g).
  • Het aantal spelers per ploeg werd gelimiteerd tot 6.
  • Alvorens op te slaan moest een ploeg een rotatie uitvoeren.
1915
  • Het aantal spelers per ploeg kon variëren van 1 tot 6.
  • De ploeg die een set verloor, begon automatisch met de opslag in de volgende set.
  • Een officiële tijdopnemer werd geïntroduceerd.

Tussen 1897 en 1915 werden de spelregels gepubliceerd in "Het Handboek van de atletiekliga van het Y.M.e.A."

In 1916 werden de spelregels gepubliceerd door de Amerikaanse Uitgeverij voor sport in een apart boek genoemd "OFFICIËLE SPELREGELS VOLLEYBAL"

1916
  • De punten om een set te winnen, werden verminderd van 21 tot 15.
  • De wedstrijd werd gespeeld naar 2 winnende sets (best of three).
  • De bal mocht gespeeld worden met de voet (TOEN AL!!)
  • De nethoogte werd verhoogd tot 8 feet (ongeveer 2.40 m).
  • Het gewicht van de bal werd veranderd van 8 tot 10 ounces (ongeveer 280 gr)
  • De rotatieorde werd ingevoerd en iedere speler serveerde om beurten.
  • Een opslag die het net of elk object buiten het speelveld raakte, was uit het spel.
  • De bal mocht niet in de handen vastgehouden worden.
  • Een bal mocht geen tweede maal door een zelfde speler aangeraakt worden, tenzij een andere speler intussen de bal had aangeraakt.
1920
  • De bal mocht gespeeld worden met elk deel van het lichaam boven het middel.
  • De afmetingen van het speelveld werden gewijzigd in 60 x 30 feet (ongeveer 18 mx9m).
  • De bal moçht door elke ploeg slechts 3 maal worden aangeraakt.
1922
  • Over het net heen reiken werd in alle gevallen verboden.
  • Een achterspeler mocht niet aanvallen vanuit de achterzone.
  • De dubbele fout werd geïntroduceerd.
  • De middenlijn en een markeerder werden ingevoerd.
  • Bij een score van 14 -14 moest een ploeg om een set te winnen 2 achtereenvolgende punten scoren.
1923
  • De hoogte van de zoldering moest 15 feet zijn (ongeveer 4.50 m).
  • Een ploeg kon bestaan uit 12 spelers (6 basis- en 6 reservespelers).
  • De nummering van de spelers werd ingevoerd.
  • De ploeg die moest opslaan moest roteren in de richting van de wijzers van een uurwerk.
  • De opslag werd gegeven door de rechterachterspeler.
  • Als een speler het speelveld van de tegenstrever raakte om een actie te vervolledigen, was dit een fout.
1924

In 1924 werden de afmetingen van het net in detail beschreven:

  • 3 feet breed (ong. 90 cm) met mazen van 4 inch breed (ong. 10 cm).
  • een lint aan de bovenkant, een kabel van 0.25 inch aan de bovenkant en een touw aan de onderkant.
1925
  • Het gewicht van de bal werd gewijzigd van 9 tot 10 ounces.
  • EEN SCHEIDSRECHTER WERD INGEVOERD.
  • Het was een speler verboden het terrein te verlaten zonder de toestemming van de scheidsrechter.
  • De bal moest het net overschrijden binnen de zijlijnen.
  • Een ploeg mocht slechts 2 time-outs per set vragen.
  • Bij 14 -14 gelijke stand werd de set gewonnen door de ploeg die eerst 2 punten verschil kon maken i.p.v. 2 opeenvolgende punten kon aantekenen.
1926
  • Het speelveld werd gemeten aan de buitenzijde van de lijnen.
  • De lengte van het net werd 32 feet (ongeveer 9.60 m).
  • Een ploeg die met minder dan 6 spelers moest spelen, werd forfait verklaard.

In 1928 werden 4 verschillende spelregels gepubliceerd: de officiële regels, de vereenvoudigde regels, aangepaste regels voor het speelveld en regels voor meisjes en vrouwen.

De officiële regels waren de enige die officieel werden toegepast omdat de 3 laatst genoemde regels te dikwijls werden gewijzigd om verschillende groeperingen ter wille te zijn.

Geen wijzigingen van 1927 tot 1931

1932
  • De middellijn werd oneindig doorgetrokken.
  • De zijbanden werden aan het net toegevoegd.
  • De time-outs werden gelimiteerd tot 1 minuut.
  • Een speler kon niet van plaats verwisselen en mocht zich ook niet buiten de speelruimte begeven.
  • Een speler mocht zijn helft van het speelveld verlaten om de bal te spelen.
1934
  • Een 3/8-inch kabel (ong. 1 cm) kwam i.p.v. van de 14-inch kabel aan de bovenkant van het net.
  • Er werden kruisjes op het speelveld aangebracht om de posities van de spelers te bepalen.
  • Alle spelers moesten een nummer op het shirt hebben.
  • Het werd een fout om d.m.v een scherm de tegenstrever opzettelijk te verhinderen de opslag te zien.
  • Spelers mochten hun speelhelft niet verlaten tenzij de bal zich aan hun zijde van het net bevond. (Vroeger stonden aanvallers buiten hun speelhelft en wachten tot de set-up werd gegeven en kwamen aangelopen met een afsprong op 1 been).
  • Elke netaanraking werd een fout.
  • Een spelactie was niet afgerond tot op het ogenblik dat de speler zich terug met de voeten op de vloer bevond.
  • Het opzettelijk roepen en met de voeten stampen naar een tegenstander werd als onsportief beoordeeld.

^Top

Deel 2: 1935-1970

1935
  • Er werden kruisjes op het speelveld aangebracht om de posities van de spelers te
  • bepalen.
  • Alle spelers moesten een nummer op het shirt hebben.
  • Het werd een fout om d.m.v. een scherm de tegenstrever opzettelijk te verhinderen de opslag te zien.
  • Spelers mochten hun speelhelft niet verlaten tenzij de bal zich aan hun zijde van het net bevond. (Vroeger stonden aanvallers buiten hun speelhelft en wachten tot de set-up werd gegeven en kwamen aangelopen met een afsprong op 1 been).
  • Elk netaanraking werd een fout.
  • Een spelactie was niet afgerond tot op het ogenblik dat de speler zich terug met de voeten op de vloer bevond.
  • Het opzettelijk roepen en met de voeten stampen naar een tegenstander werd als onsportief beoordeeld.
1937
  • Het was niet langer een fout indien een in het net gespeelde bal (derde balcontact) een contact van het net met een tegenstander veroorzaakte.
  • Een speler kon slechts éénmaal vervangen worden en terugkeren in het spel.
  • Het was een wisselspeler niet langer verboden om met zijn medespelers te praten tot het ogenblik dat de bal in het spel werd gebracht.
  • Meerdere balcontacten werden toestaan om een harde aanval op te vangen.
1938
  • Er werd voor het eerst een regel gepubliceerd over het blokkeren. Blokkeren werd gedefinieerd als het "belemmeren van de bal aan het net". Een één- of tweemansblok was toegelaten, op voorwaarde dat de blokkeerders speelden in naast elkaar gelegen posities.
1939-1941
  • Er werden geen wijzigingen doorgevoerd en de enige wijziging in 1940 was dat de officiële bal moest bestaan uit 12 stukken leder. In 1941 was er een andere rangschikking en opheldering van de spelregels.
1942
  • De bal mocht gespeeld worden met elk deel van het lichaam boven de knieën.
  • De score van een forfait was 15 - O.
1947
  • Enkel de voorspelers mochten van positie wijzigen om zo een reglementair tweemansblok te kunnen vormen.
  • De nummers op de shirts moesten 4 inches hoog zijn (ongeveer 10 cm.).
1948
  • In 1948 werden de spelregels nogmaals verhelderd en herschreven om de interpretatie ervan te verbeteren. Het blokkeren werd gedefinieerd en de opslagzone werd bepaald als zijnde het rechtse 1/3 stuk van de achterlijn.
  • Andere onderwerpen die verbeterd werden, waren:
  • Elke speler moest zich op zijn speelhelft bevinden alvorens de opslag uit de handen van de opslaggever ging.
  • Punten aangetekend door een verkeerde opslaggever werden geannuleerd.
  • Gelijktijdige balaanrakingen door 2 spelers telden maar voor 1 aanraking.
  • Een time-out duurde 1 min.
  • Een time-out voor een kwetsuur duurde 5' buiten de lijnen.
  • De tijd tussen 2 sets was 3 minuten.
1949
  • De duur van een set werd gelimiteerd: de bal mocht slechts 8 min. in het spel zijn.
  • Na afloop van de tijd moest de winnaar een tweepunten voorsprong of 15 punten hebben  behaald.
  • Een tijdopnemer werd toegevoegd als official.
  • De time-out voor een kwetsuur werd verminderd tot 3 min.
  • Een driemanblok werd geldig verklaard op voorwaarde dat het voorspelers waren.
1950
  • Er werd geen opwarmingstijd voorzien voor de wisselspelers.
  • Opheldering werd gebracht over een gehouden bal: de bal moest zuiver geslagen worden.
1951
  • De opslagzone en het speelveld (nog met kruisen) werden duidelijk gedefinieerd.
  • Een achterspeler mocht een aanval uitvoeren op voorwaarde dat hij steeds in de achterzone bleef
1952
  • Elke speler mocht blokkeren aan het net.
  • Een lijn op 7 feet (ong. 2,10 m.) en parallel aan het net werd ingevoerd als beperking voor de achterspelers die wilden blokkeren aan het net.
  • De beperking voor spelers die wensten te veranderen van positie om te spelen werd
  • verworpen, uitgezonderd voor de aanvallers uit de achterzone.
  • Een speler moest aanduiden of hij tijdens het blokkeren de bal al dan niet geraakt had.
  • De opslag mocht gegeven worden van achter de ganse achterlijn.
  • De spelers mochten zich opwarmen tijdens de time-out of de tijd voor een kwetsuur.
  • De spelers mochten het speelveld verlaten zonder de toestemming van de scheidsrechter.
  • De coach, kapitein of manager mochten een time-out aanvragen.
1953
  • De rubberen bal werd toegelaten.
  • Een wisselspeler mocht tweemaal aan het spel deelnemen i.p.v. éénmaal.
  • De spelers mochten de bal spelen met elk deel van het lichaam.
  • De hele structuur van de spelregels werd gewijzigd en genummerd van 1 tot 75, ondergebracht in 8 hoofdstukken.
  • Fouten werden beter gedefinieerd.
1954
  • Regels werden ingevoerd i.v.m. de posities van de spelers op het ogenblik van de opslag.
  • Een stel toegevoegde en ophelderende regels werd aanvaard.
  • Een poging om een geheel van standaardregels te ontwerpen mislukte omdat verschillende groeperingen nog steeds verschillende speelstijlen hadden.
  • Een scherm om het zicht bij een opslag te verhinderen werd toegelaten.
1955
  • De officiële regels werden nogmaals geherstructureerd in 5 hoofdstukken met 24 ondertitels.
  • Een achterspeler mocht afstoten van voor de 7 feet lijn, maar moest achter de lijn neerkomen.
  • Het bewegen tijdens schermvorming was toegelaten.
1956
  • De spelers mochten overal staan op hun speelhelft tijdens de opslag op voorwaarde dat de rotatieorde behouden bleef
  • De ploegen wisselden automatisch van speelhelft gedurende de 3e set wanneer één van de ploegen 8 punten behaalde of na 4 min. speeltijd.
1957
  • Er waren geen wijzigingen maar vele nieuwe innovaties werden uitgetest.
  • Het net werd hoger gehangen.
  • Sets naar 21 en 50 punten.
  • De bal mocht hindernissen raken.
  • Onderhands spelen met de vuisten.
1958.
  • Geen wijzigingen
1959
  • De spelers mochten een scherm vormen, bewegen en met handen wuiven om de tegenstander te verhinderen de opslag te zien.
  • De 2e scheidsrechter kreeg de bevoegdheid om fouten betreffende balbehandeling te bestraffen en tijd te laten tussen de sets.
1960
  • De nethoogte voor dames werd verlaagd tot 7 feet 4 inches (ong. 2,20 m.).
  • De eerste service van elke set werd gegeven door de ploeg die niet als eerste opsloeg in de vorige set.
1961
  • De spelers mochten handschoenen dragen tijdens het spel.
1962
  • Opheldering wat betreft tijd tussen sets en de posities van de spelers.
  • De speler mocht zich niet vasthouden aan de scheidsrechtersstoel, om hem te helpen de middellijn niet te overschrijden.
1963
  • Opheldering over de posities van de spelers tijdens de opslag.
1964
  • Het was de spelers toegestaan om de opslag te geven na de bal te hebben laten botsen of nadat hij werd opgeworpen door een ploegmaat.
1965
  • De middenlijn werd begrensd door de zijlijnen.
  • Een speler mocht de ingebeelde verlenging van de middenlijn overschrijden als hij geen poging ondernam om de bal te spelen.
  • Scherm werd totaal verboden.
1966

De vingers van de blokkeerders mochten het net overschrijden als zij de bal niet raakten of geen invloed hadden op het spel van de tegenstander.

1967

Geen wijzigingen werden doorgevoerd.

1968

Er werd een poging ondernomen om de Internationale en USA-spelregels tot één geheel te maken. Daarom werden vele wijzigingen doorgevoerd:

  • Fouten in balbehandeling werden gepreciseerd.
  • De minimum hoogte van de zoldering werd 26 feet (ong. 7,80 m.).
  • Opslaglijntjes (ruimte 3 m.) werden toegevoegd aan het speelveld.
  • De opslaggever moest de bal opgooien alvorens op te slaan.
  • De aanvalslijn werd gewijzigd van 7 tot 10 feet (ong. 3,00 m.) van het net.
  • De blokkeerders mochten met de handen het net overschrijden, enkel indien de balaanraking gebeurde na de aanvalsslag.
  • Een achterspeler kon deelnemen aan een blok maar op geen enkel ogenblik mocht het collectief blok bestaan uit meer dan 3 spelers.
  • Aanvallers vanuit de achterzone mochten in de aanvalszone landen, als de afstoot gebeurde van achter de aanvalslijn.
  • De bal mocht enkel gespeeld met elk deel van het lichaam boven het middel.
1969
  • Enkel voorspelers hadden het recht om te blokkeren.
  • Een ploeg mocht maximum 12 vervangingen per set uitvoeren.

Deel 3 : 1970-2008

1970
  • De nummers op de shirts moesten 6 inches (15 cm.) groot zijn op de borst, 3 inches op de (7,5 cm.) rug en zich minimum 4 inches (10 cm.) boven het middel bevinden.
  • De breedte van de middellijn werd vergroot van 2 tot 4 inches (van 5 naar 10 cm.)
  • Op verzoek van de eerste scheidsrechter mocht de 2de scheidsrechter alle fouten fluiten die niet zichtbaar waren voor de eerste scheidsrechter.
  • Bij de opslag moest de bal niet eerst omhoog gegooid worden voor de slag.
  • Bij kwetsuur van een speler, moest deze vervangen worden zonder spelvertraging.
  • Eens een ploeg werd opgeroepen om zich op te stellen op het speelveld kon geen wijziging meer aangebracht worden aan de opstelling.

Vanaf 1970 deden grote sponsors hun intrede in het internationale volleybal dat meer en meer aan belang won. Vele regels verschilden naargelang de federatie. Het heeft vele jaren geduurd voor alle neuzen in dezelfde richting wezen.

Omdat er over de periode 1970 - 2000 geen geordende gegevens te vinden zijn, hebben wij getracht uit te gaan van onze eigen ervaringen en documentatie, een overzicht te maken van de voornaamste wijzigingen waarmee wij in die periode overspoeld zijn.

1988

Tie break (RPS in de 5de set).

1991

De bal mag met gelijk welk deel van het lichaam, de knie inbegrepen, gespeeld worden. (voordien was het tot de gordel).

1992

De tie break in de 5de set moet eindigen met 2 punten verschil.

1993

In 1993 werd het “casebook” geïntroduceerd. Dit gaf richtlijnen of andere toepassingen van de spelregels zonder dat de officiële spelregels gewijzigd werden.

1994
  • De opslagzone is een 9 m. brede ruimte die zich bevindt achter de achterlijn (de achterlijn uitgesloten).
  • De opwarmingszones met als afmetingen 3 x 3 m. liggen aan de hoeken van de speelruimtes, aan de kant van de reservebanken en buiten de vrije zone.
  • Het is toegelaten het kamp van de tegenstrever met de voet( en) of de hand( en) aan te raken, op voorwaarde dat minstens een gedeelte van de voet(en) of hand(en) in contact blijft met de middenlijn of zich boven de middenlijn bevindt.
  • De bal mag gelijk welk deel van het lichaam raken, de voet inbegrepen. *
    De eerste balaanraking mag gedubbeld worden.
  • Het raken van het net is GEEN fout wanneer dit gebeurt wanneer de speler de bal NIET speelt of het accidenteel gebeurt.
1996
  • De aanvalslijnen worden verlengd door middel van streepjeslijnen (1,75 m.) buiten de zijlijnen.
  • De druk van de bal moet liggen tussen 0,300 en 0,325 Kg/cm2.
  • Zowel de coach als alle andere leden van de ploeg mogen instructies geven aan de spelers op het terrein, maar dit uitsluitend als ze op de bank zitten of zich in de opwarmingszone bevinden.
  • De coach mag deze richtlijnen geven rechtstaande of zich bewegend in de vrije zone voor zijn ploeg, vanaf de wisselbank tot aan de opwarmingszone, zonder hierbij het spel te storen of te vertragen.
  • De strafzones, ongeveer 1 x 1 m groot, bevinden zich achter de wisselbanken van elke ploeg. Er bevinden zich 2 stoelen in iedere strafzone.
  • De antennes worden beschouwd als een deel van het net en zij begrenzen op de zijkanten de doorgangsruimte.
  • Er werd een test gedaan met de libero. (maar werd nog niet opgenomen in de spelregels).
  • Gedurende de sets zijn er twee "technische time-outs" die 60 sec. duren. Zij worden automatisch toegepast, wanneer de ploeg aan de leiding in de puntenstand 8 punten en 16 behaalt. In de beslissende 5de set zijn er geen “technische time-outs”, iedere ploeg mag enkel de twee reglementaire Time Outs van 30 sec. aanvragen. *
1998
  • De kleur van de bal moet licht zijn of een combinatie van verschillende kleuren.
  • In de nationale reeksen moeten er 3 ballen gebruikt worden. In dit geval zullen er 6 ballenrapers aanwezig moeten zijn. *
  • Tijdens het spel mogen de spelers die niet aan het spel deelnemen, zich in de opwarmingszone opwarmen, zonder daarbij ballen te gebruiken.
  • De nummers moeten een hoogte hebben van 15 cm. op de borst en 20 cm. op de rug.
  • Na elke spelfase wordt een punt gescoord. Indien de tegenstrever de opslag had, zal hij een punt aantekenen en verder opslaan. Indien de tegenstrever de opslag ontving, krijgt hij het recht om op te slaan en scoort een punt.
  • Iedere ploeg heeft het recht om onder de 12 spelers die op het wedstrijdblad ingeschreven zijn, 1 gespecialiseerde speler in te schrijven, de “libero". *
  • Een set (uitgezonderd de 5e set) wordt gewonnen door de ploeg die het eerste 25 punten behaalt met een minimum verschil van 2 punten. In geval van gelijke 24 - 24 puntenstand gaat het spel verder tot het verschil van 2 punten wordt bereikt (26 - 24, 27 - 25, enz.). Er is geen limiet.
    In geval van gelijke 2 - 2 stand wordt de 5de set gespeeld naar 15 punten met een minimum verschil van 2 punten. Er is geen limiet.
  • De balaanraking moet kort gebeuren. De bal mag noch opgevangen noch gegooid worden.
  • Een bal in de richting van de vrije zone van de tegenstrever, die het verticaal vlak van het net geheel of gedeeltelijk buiten de speelzone heeft overschreden, mag worden teruggespeeld binnen het kader van de reglementaire aanrakingen.
  • De aanraking van het net is geen fout, behalve als een speler het net raakt tijdens zijn actie om de bal te spelen of deelneemt aan het spel.
  • Het is geen fout als de bal tijdens de opslag het net raakt.
  • De opslaggever moet de bal slaan binnen de 8 sec. na het fluitsignaal van de 1e scheidsrechter en heeft maar één poging. *
  • De duur van een time-out is 30 sec. (mag NIET ingekort worden door de aanvragende ploeg).
  • Wisselbordjes - Op het ogenblik van de aanvraag moet(en) de wisselspeler(s) klaar staan om aan te treden in de wisselzone. Zij moeten tevens de wisselbordjes op reglementaire wijze tonen aan de markeerder.
  • Elk oponthoud tussen de sets duurt 3 minuten.
  • De waarschuwing werd uit de reglementering van wangedrag en bijbehorende sancties gelicht. De sancties omvatten nu nog enkel de bestraffing, uitwijzing en uitsluiting.
  • Wanneer een fout gefloten is door de 1ste scheidsrechter, zal hij achtereenvolgens aanduiden: de ploeg die moet opslaan; de aard van de fout en vervolgens indien nodig de speler die de fout beging.
2000
  • Het RPS wordt ingevoerd, gedurende alle sets.
  • De bal mag het net raken bij de opslag.
2006
  • Bij een gelijktijdig contact boven het net door twee tegenstrever gaat het spel verder.
  • De uitzonderlijke vervanging telt niet mee voor de 6 vervangingen.
2009 *
  • 14 spelers mogen ingeschreven worden op het wedstrijdblad, waarvan een officieel libero en een vervanger. *
  • Wanneer de coach voor een of andere redenen zijn ploeg moet verlaten mag hij, voor de duur van zijn afwezigheid, vervangen worden door zijn adjunct. *

* Soms werden de spelregels enkel gewijzigd voor de wedstrijden op hoog niveau georganiseerd door de FIVB. De toepassingen voor de confederaties en federaties werden slechts later uitgevoerd.

^Top

Bronnen:

  1. Dit artikel werd samengesteld door Georges Declercq, voorzitter van de
  2. 100 jaar Volleybal 1895 -1995, Southern California Style
  3. Patricia Waerniers: Ontstaan en ontwikkeling van de Volleybalsport in België

 

 
ONZE SPONSORS
 
 
 
 
 
Webmaster : webmaster.vovsr@gmail.com